ALGEMENE INFORMATIE OVER DE NEDERLANDSE BOND VAN VOGELLIEFHEBBERS

De doelstelling
De Nederlandse Bond van Vogelliefhebbers (NBvV), opgericht op
12 november 1933, is de grootste overkoepelende organisatie van vogelliefhebbers uit heel Nederland.

De bond stelt zich ten doel:
a. alle vogelliefhebbers in de bond te doen opnemen;
b. de bevordering van het recht om vogels te houden;
c. de bevordering van de vogelkweek, vogelkennis, vogelstand en vogelliefhebberij.

Geprobeerd wordt dit doel te bereiken door het houden van vergaderingen, tentoonstellingen, het geven van cursussen en lezingen, het uitgeven van een officieel bondsorgaan, het samenwerken met binnen- en buitenlandse organisatie, die een zelfde doel hebben.


De organisatie
De bond telt momenteel 37.000 vogelliefhebbers die lid zijn.
Zij zijn georganiseerd via 622 plaatselijke vogelverenigingen, letterlijk van
Den Helder tot Maastricht en van Appingedam tot Sas van Gent.
Deze vogelverenigingen hebben allemaal een eigen bestuur en vaak ook een eigen clubblad.

Om een goede communicatie mogelijk te maken zijn deze vogelverenigingen op hun beurt weer onder gebracht in één van de twaalf districten.

De centrale leiding van de bond is in handen van het hoofdbestuur, dat periodiek verantwoording aflegt aan de bondsraad, bestaande uit de voorzitters van de districten, de voorzitters van de keurmeestersverenigingen, het hoofd van het bondsbureau en de leden van het hoofdbestuur.
Het hoogste orgaan van de bond is de algemene ledenvergadering.
Elk jaar verschijnt een uitgebreid jaarverslag ten behoeve van deze ledenvergadering en uiteraard worden daar begroting en rekening behandeld.
Elke afdeling kan voorstellen ter behandeling indienen.
Het bondsbureau is gevestigd te Bergen op Zoom, waar onder leiding van het hoofd bondsbureau nog zeven andere beroepskrachten werken.
Alle activiteiten worden vanuit het bondsbureau aangestuurd.
Tot de hoofdtaken behoren de ledenadministratie, boekhouding, huisdrukkerij, ringenproductie en tentoon-stellingswerkzaamheden.
Uiteraard is het bondsbureau een belangrijk aanspreekadres voor de leden.


Het houden van vogels
De vogelliefhebbers binnen de bond oefenen hun hobby op verschillende manieren uit.
Sommigen hebben enkele vogels in een gezelschapsvolière, anderen kweken b.v. uitsluitend kanaries van een bepaalde kleur, weer anderen leggen zich toe op het kweken met bepaalde vogels b.v. kolibri's, er zijn kwekers van uitsluitend grasparkieten maar b.v. ook van papegaaien.
Er worden ook liefhebbers ingeschakeld die projectmatig meehelpen om met vogels, die in het wild bijna niet meer voorkomen, te kweken.
Alle liefhebbers hebben evenwel gemeen dat zij plezier beleven aan het houden van vogels en op een verantwoorde wijze met hun hobby omgaan.

De tentoonstellingen
Heel veel van onze leden doen jaarlijks mee aan een of meer tentoonstellingen.
Binnen de bond kennen wij tentoonstellingen op plaatselijke niveau, regionaal, per district en landelijke tentoonstellingen, bij elkaar zo'n 650 per jaar.
Ook zijn er nog bijzondere tentoonstellingen b.v. uitsluitend voor parkieten, zebravinken enz.

Deze tentoonstellingen vinden plaats als de vogels uit de rui zijn van september t/m november.
De (grote) districtstentoonstellingen worden gehouden in december.
In de eerste helft van januari vindt het hoogte punt van het tentoonstellingsseizoen plaats nl. de landelijke bondskampioenschappen voor alle vogelsoorten.

Sinds 1999 wordt deze bondsshow, dit jaar onder de naam VOGEL 2000, gehouden in de Americahal in Apeldoorn.


Deelnemers en bezoekers
Aan VOGEL 2001 namen ongeveer 1500 leden deel, die rond de 15.000 vogels inzenden.

De tentoonstellingsruimte biedt ook ruimte aan leveranciers van vogelbenodigdheden.
Het aantal bezoekers, waarvan vele uit Duitsland en België, was 15.000.


De keurmeesters
Alle op tentoonstellingen ingezonden vogels worden beoordeeld door gediplomeerde keurmeesters aan de hand van het door de bond vastgestelde vraagprogramma en de standaardeisen zoals die voor vele vogelsoorten zijn vastgelegd.
Afhankelijk van de soort vogel wordt gelet op zang, kleur of postuur, maar bij elke beoordeling wordt ook meegenomen formaat, houding en conditie.

De opleiding tot keurmeester duurt in het algemeen 2 jaar.

Onder de vleugels van de NBvV zijn 3 keurmeestersverenigingen actief om de totale verscheidenheid aan vogels te kunnen bestrijken.


Het ringen van vogels
Vanuit de NBvV wordt sterk gepropageerd om zogenaamde eigen kweek vogels te ringen.
Voor tentoonstellingen kunnen dan ook alleen maar geringde vogels worden ingezonden.
Het ringen gebeurt een aantal dagen na de geboorte van de vogel met een ring aan de poot, die als de vogel groter wordt er niet meer kan worden afgehaald.

Elke kweker heeft ringen met zijn eigen nummer.
Jaarlijks worden er op het bondsbureau ca. 1,7 miljoen ringen vervaardigd.
Het ringen van vogels is voor de liefhebber noodzakelijk om gericht te kunnen kweken, maar is voor veel vogelsoorten ook wettelijk voorgeschreven en voorkomt ook de ongewenste vogelhandel en malversaties.


Speciaalclubs
Binnen de NBvV zijn ook nog een aantal speciaalclubs actief.
De leden van deze clubs zijn vogelliefhebbers, die specifieke vogels houden, verzorgen, er mee kweken en de ontwikkeling van de vogels bijhouden ten aanzien van formaat, kleur en andere factoren.
Zo zijn er speciaalclubs voor Europese cultuurvogels, parkieten, zangkanaries, vruchten- en insecteneters, Japanse meeuwen, gouldamadines, vorm-en postuurkanaries, Afrikaanse prachtvinken en pape-gaaiamadines

Samenwerking met anderen.
Nationaal participeert de NBvV in een samenwerkingsverband met andere vogelbonden.
Met deze bonden worden gezamenlijk de belangen behartigd naar de wereldliefhebbersorganisatie Conféderation Ornitholigique Mondial (COM), mede om te kunnen deelnemen aan de jaarlijkse wereldtentoonstelling.
In 1993 werd deze wereldtentoonstelling door de NBvV georganiseerd.
Samenwerking met andere bonden vindt ook plaats op het gebied van wetgeving en besmettelijke ziekten.

De NBvV heeft ook haar verbinding met de landelijke belangenorganisatie "Platvorm Verantwoord Huisdierenbezit".


"Onze Vogels"
Zo heet het fraaie blad van de NBvV, dat elke maand verschijnt in een oplage van 39.000 exemplaren.
Het blad, volledig in kleur, bevat een grote verscheidenheid aan artikelen over vogels; van verhalen van liefhebbers tot min of meer wetenschappelijke verhandelingen.
Het is een vraagbaak voor alle vogelliefhebbers, ook buiten de NBvV, getuige de grote oplage.